Start › Werk van anderen › De onderwijsexceptie stopt bij je eigen aanbod
De onderwijsexceptie stopt bij je eigen aanbod
Zodra je geld vraagt voor je materiaal, geldt de uitzondering voor het onderwijs niet meer. Wat je dan wel kunt gebruiken en hoe je een bestaand pakket opschoont.
Dit is het punt waarop het meeste zelfgemaakte lesmateriaal onverkoopbaar blijkt. Niet omdat het niet goed is, maar omdat er dingen in zitten die er in een betaald product niet in mogen.
De voorwaarde die je over het hoofd ziet
Artikel 16 van de Auteurswet, de onderwijsexceptie, staat het overnemen van gedeelten van werk toe ter toelichting bij het onderwijs, voor zover dat gerechtvaardigd is door het te bereiken, niet-commerciƫle doel. Die laatste twee woorden zijn hier alles.
Verkoop je je lessenserie, dan is je doel commercieel. De exceptie geldt dan niet. De collectieve regeling die jouw instelling met uitgevers heeft, geldt evenmin: die is er voor het onderwijs van die instelling, niet voor de nevenactiviteiten van haar medewerkers. Je staat er dus alleen voor.
Dat geldt ook bij een lage prijs, bij een cursus die je "tegen kostprijs" aanbiedt en bij materiaal dat je gratis weggeeft om er later iets mee te verkopen. Het gaat om het doel, niet om de marge.
Wat er meestal in zit
Loop een bestaand pakket na en je vindt bijna altijd dezelfde vijf dingen.
- Afbeeldingen uit een zoekmachine. Het grootste risico, want het is het makkelijkst te vinden en het duurst als er een factuur komt.
- Opgaven en teksten uit een methode. Ook als je ze hebt herschreven: als de structuur en de voorbeelden herkenbaar zijn, is het een bewerking en die valt ook onder het auteursrecht van de maker.
- Schema's en modellen uit boeken of artikelen. Een model natekenen maakt het niet van jou.
- Muziek onder een video. Bijna nooit vrij te gebruiken.
- Screenshots van websites en software. Hangt van de voorwaarden af. Die zijn vrijwel altijd terug te vinden.
Vergeet daarbij niet dat het materiaal dat je op school hebt gemaakt zelf ook een eigendomsvraag oproept. Zie van wie is het lesmateriaal dat je maakt.
Wat je wel kunt gebruiken
Er is meer vrij bruikbaar materiaal dan de meeste docenten denken, mits je de voorwaarden leest.
Werk dat je zelf maakt. Je eigen foto's, je eigen tekeningen, je eigen opgaven, je eigen schema's. Dit is trager en het is de enige route zonder twijfel.
Creative Commons. Lees welke variant het is. Sommige licenties sluiten commercieel gebruik uit. Dan ben je terug bij af. Sommige vragen dat je afgeleid werk onder dezelfde licentie deelt, wat voor een betaald product onhandig is. Naamsvermelding is bij vrijwel alle varianten verplicht en dan wel op de manier die de maker voorschrijft.
Publiek domein. Werk waarvan de beschermingsduur is verlopen. Voor oudere teksten, kaarten en schilderijen een rijke bron. Let op dat een recente foto van een oud schilderij weer een eigen rechthebbende kan hebben.
Beeldbanken met een licentie. Betalen is hier vaak de goedkoopste optie. Bewaar de licentie en de factuur bij het bestand.
Toestemming vragen. De meest onderschatte route. Een korte, vriendelijke mail aan een uitgever of een maker, met precies wat je wilt gebruiken en waarvoor, levert vaker ja op dan je verwacht. Zet de toestemming schriftelijk vast, met vermelding van het gebruik dat is toegestaan.
Zo schoon je een bestaand pakket op
- Maak een lijst van alle bestanden en alle onderdelen. Slides, werkbladen, video's, toetsen.
- Ga per onderdeel na waar elk element vandaan komt. Weet je het niet meer, dan is het antwoord "vervangen".
- Vervang alles waarvan je de herkomst niet kunt aantonen. Twijfel is geen bewijs van toestemming.
- Leg per element vast wat de bron en de licentie is. Een eenvoudig overzicht met bestandsnaam, bron, licentie en datum is genoeg.
- Bewaar dat overzicht bij je materiaal, niet in je hoofd.
Dit is saai werk en het duurt langer dan je denkt. Reken op een dag voor een cursus van gemiddelde omvang. Het alternatief is een product dat je niet met een gerust hart kunt verkopen en dat je dus toch niet verkoopt.
De koele conclusie
Wat je in de klas mag, mag je niet automatisch verkopen. Dat is geen formaliteit maar het verschil tussen twee juridische situaties. Bouw je aanbod daarom vanaf het begin schoon op: dan hoef je het achteraf niet uit elkaar te halen. In materiaal van anderen in je lessen staat wat er binnen je onderwijs wel mag.
Dit artikel is algemene informatie, geen juridisch of fiscaal advies. Regels veranderen en veel hangt af van jouw cao, jouw arbeidsovereenkomst en het beleid van jouw bestuur. Kijk het na in je eigen papieren en leg belangrijke afspraken schriftelijk vast.
Waar je het zelf kunt nakijken
Nagekeken op 6 september 2026. Bedragen, regelingen en cao-artikelen veranderen, dus kijk de bron na voordat je erop rekent.
- Auteurswet, artikel 16. De onderwijsexceptie geldt alleen voor zover het overnemen gerechtvaardigd is door het te bereiken, niet-commerciƫle doel.
- De licentievarianten van Creative Commons en wat ze wel en niet toestaan bij commercieel gebruik, staan in de licentietekst zelf. Lees die voordat je materiaal opneemt in iets dat je verkoopt.
- Wat een beeldbank of methode toestaat, staat in haar eigen licentievoorwaarden. Bewaar die voorwaarden en de factuur bij het bestand.